Beleid voor een veilige kerk
Inleiding
Het lijkt zo vanzelfsprekend: In een gemeente van de Protestantse Kerk voel je je veilig. Leden behandelen elkaar met respect. Mensen met speciale taken en opdrachten maken geen gebruik van hun machtspositie ten koste van anderen. Zeker kinderen, jongeren en volwassenen in afhankelijke situaties voelen zich in de kerk veilig en kunnen ongestoord mee doen.Helaas gaat dat niet altijd overal op. Ongewenste intimiteiten en situaties van misbruik kunnen ook in de Protestantse Kerk voor komen. Een veilige gemeente is, in deze context, het ideaal; een plaats waar mensen in vrijheid en vertrouwen samenkomen om hun geloof gestalte te geven, waar iedereen zich veilig voelt, vrij van (seksueel) overschrijdend gedrag, intimidatie of machtsmisbruik.
Om dit te realiseren heeft de kerkenraad in 2025 besloten om twee vertrouwenspersonen aan te stellen en om het beleid, zoals het nu wordt voorgesteld, voor een Veilige Kerk verder te ontwikkelen. Dit sluit aan bij het landelijke beleid binnen de PKN, waarbij aandacht wordt gegeven aan (seksueel) grensoverschrijdend gedrag en de preventie ervan.
Bewustwording
De basis voor het beleid is bewustwording binnen de gemeente.
Meestal lopen mensen niet te koop met negatieve ervaringen op het gebied van grensoverschrijdend gedrag. Er rust een taboe op het bespreken van ongewenste intimiteiten, seksueel misbruik, machtsmisbruik, agressie, discriminatie, pesten en andere vormen van ongewenst gedrag.
Toch is het goed om dit aan te geven en erover te praten met de juiste persoon. Dat kan het taboe doorbreken. Als er wordt gezwegen, kan dat de indruk wekken dat alles goed gaat. “We krijgen nooit klachten, dus bij ons komt het niet voor”, is een overtuiging die (te) gemakkelijk gemeengoed kan worden.
Bewustwording is daarom een belangrijke pijler. Dat begint met het besef dat er sprake is van machtsongelijkheid onder gemeenteleden. Het effect kan zijn dat iemand met meer macht onbewust een grens bij een ander overschrijdt. Het bewust zijn van dit machtsverschil helpt om er zorgvuldig mee om te gaan.
Daarnaast is het van belang om te erkennen dat ook in onze gemeente grensoverschrijdend gedrag kan voorkomen en dat we het soms gewoon niet zien en weten.
We moeten beseffen dat alle gemeenteleden recht hebben op een veilige gemeente. Het onderwerp verdient daarom blijvende aandacht door met regelmaat het erover te hebben in de kerkenraad, de pastorale wijkteams (inclusief POA), binnen het jeugdwerk en andere activiteiten van Next Generation, zodat we ons bewust zijn en blijven van de gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor onze Veilige Kerk.
Want het wegkijken bij ongepast gedrag, het nalaten van hulp en aandacht bij grensoverschrijdende situaties versterkt het onveilige gevoel binnen de gemeenschap. Iedereen kan dus bijdragen aan die Veilige Kerk.
Preventie
Gedragscode en omgangsregels
‘Voorkomen is beter dan genezen’. Daarom is gedragscode essentieel. De uitgeschreven gedragsregels geven duidelijk aan hoe we met elkaar wensen om te gaan. Het uitgangspunt voor deze gedragscode is wat de Bijbel ons leert over omgang met elkaar: respect voor de ander, integriteit, betrouwbaarheid en zorgvuldigheid. Deze gedragscode wordt besproken als mensen een taak op zich nemen en er wordt gevraagd om hiermee in te stemmen. Deze code wil een hulpmiddel zijn om ongewenst gedrag te voorkomen, te signaleren en bespreekbaar te maken.Omgangsregels zijn afspraken in een groep over hoe je met elkaar omgaat. Die maak je met elkaar en je houdt elkaar eraan. Het maken van omgangsregels is een activiteit die heel goed aan het begin van het seizoen of bij het starten van een groep gedaan kan worden. Die activiteit helpt de groepsleden zich bewust te worden van de verantwoordelijkheid naar elkaar en het respectvol omgaan met elkaar.
Voor predikanten en kerkelijk werkers gelden de beroepscode en gedragsregels die door de generale synode van de Protestante Kerk in Nederland zijn vastgesteld. Deze dienen als leidraad en toetsingskader voor het gedrag dat van predikanten en kerkelijk werkers mag worden verwacht en is gebaseerd op de kerkorde en de belofte die wordt afgelegd bij de aanvaarding van het ambt.
Aanstellingsbeleid
Voordat een vrijwilligers binnen de kerk een functie aanvaardt, vindt een kennismakingsgesprek plaats waarbij motivatie, achtergronden, ervaring worden besproken. Ook zal de gedragscode worden besproken en zal worden gevraagd om instemming/onderschrijving ervan.
Aanvullend wordt een Verklaring omtrent gedrag (VOG) gevraagd, vanaf juli 2025 is dat landelijk beleid. Het gaat om kerkelijke medewerkers die met kwetsbare doelgroepen werken. Ook mensen die verantwoordelijk zijn voor het geld van de kerk moeten een VOG inleveren. De aanvraag wordt ondersteund door onze gemeente zelf en is onder bepaalde voorwaarden voor vrijwilligers gratis.
Vertrouwenspersonen
Er zijn twee vertrouwenspersonen een man en een vrouw. Zij zijn zichtbaar voor gemeenteleden, laagdrempelig te benaderen en functioneren als ‘ambassadeur’ voor de Veilige Kerk. Zij hebben binnen de gemeente geen andere functie en worden voor 4 jaar aangesteld. Deze periode kan telkens verlengd worden.
Zij hebben als taak de eerste opvang te zijn of als vraagbaak te fungeren voor melder/slachtoffer/ benadeelde bij grensoverschrijdend gedrag. Verder kunnen zij passende begeleiding geven en eventueel een advies voor een vervolgstap.
Ook iemand die denkt zich op een ongewenste manier te hebben gedragen, kan contact opnemen met de vertrouwenspersoon. De vertrouwenspersonen hebben geheimhoudingsplicht.
De vertrouwenspersoon heeft jaarlijks overleg met de kerkenraad en legt verantwoording af middels een geanonimiseerd jaaroverzicht. Geeft gevraagd of ongevraagd advies aan de kerkenraad mbt gesignaleerde knelpunten en preventieactiviteiten.
Interventie
De meldingsmogelijkhedenGemeenteleden kunnen bij de twee vertrouwenspersonen terecht met hun vragen, vermoedens en meldingen. Vertrouwenspersonen kunnen bij vermoedens van grensoverschrijdend gedrag binnen de gemeente ook proactief iemand benaderen.
Allereerst biedt de vertrouwenspersoon een luisterend oor. Afhankelijk van de situatie kan de vertrouwenspersoon verwijzen, bemiddelen en bijstaan in aangiftes en bij klachtprocedures.
Gemeenteleden kunnen ook terecht bij het moderamen (dagelijks bestuur van de kerkenraad). Bijvoorbeeld als ze een klacht over iemand willen indienen en geen gebruik willen maken van de vertrouwenspersoon. Eventueel kan ook direct contact worden gezocht met het landelijk meldpunt bij seksueel misbruik in kerkelijke relaties (SMPR).
De vertrouwenspersoon volgt in principe het plaatselijke meldprotocol. Daarbij wordt zo nodig gebruik gemaakt van hulp en expertise van het landelijk meldpunt bij seksueel misbruik in kerkelijke relaties; SMPR www.smpr.nl) of het Protocol voor gemeenten die geconfronteerd worden met (seksueel) misbruik in pastorale- en gezag relaties.
Zorg en nazorg
Het is belangrijk dat iemand die een nare, indringende, grensoverschrijdende ervaring heeft gehad, zich gesteund voelt door anderen. Wie die ondersteuning kan bieden, hangt sterk af van de situatie en de persoon om wie het gaat. Denk aan één of enkele gesprekken met een vertrouwenspersoon. Een gesprek met een ambtsdrager of predikant (pastorale zorg). Het kan ook nodig zijn om gebruik te maken van externe hulpverleners. Denk daarbij aan instanties zoals: Vitis Welzijn, Sociaal Kernteam (SKT) Westland, Huisartsenpost Westland, Politie Westland, Christelijke hulpverleningsinstanties, etc. Het gaat erom dat het slachtoffer op een voor haar/hem passende manier wordt begeleid.
Gemeenteleden kunnen ook een rol van betekenis spelen door open te staan voor de persoon om wie het gaat en niet gelijk te oordelen of een standpunt in te nemen.
Daarnaast is het belangrijk dat er recht wordt gedaan, het overschrijdend gedrag moet beëindigd worden. Dit betekent dat in voorkomende gevallen ook handelend moet worden opgetreden ten aanzien van de dader. De kerkenraad zal daarin verantwoordelijkheid moeten nemen.
Daarbij kan zo nodig gebruik gemaakt worden van de hulp en expertise van het landelijk meldpunt bij seksueel misbruik in kerkelijke relaties (SMPR www.smpr.nl) of de Nota Protocollen Daderbeleid.
Communicatie en vasthouden beleid
Het is van belang om het thema Veilige Kerk regelmatig aandacht te (blijven) geven.
Dit doen we door:
- Het houden van jaargesprekken over dit thema in de kerkenraad, de pastorale wijkteams (inclusief POA), de jeugdraad/Next Generation;
- Het plannen van een jaarlijks overleg tussen kerkenraad en de vertrouwenspersonen; zij maken een jaarverslag en doen voorstellen ten behoeve van het preventiebeleid;
- In alle kerken folders “Vertrouwenspersonen” neer te leggen;
- Periodiek het thema Veilige Kerk aandacht te geven in de Ramshoorn.
- Op onze website op te nemen wat Veilige Kerk voor ons betekent en hoe daarmee wordt omgegaan. Daar vindt men ook de informatie over hoe en bij wie er gemeld kan worden;
- Het thema Veilige Kerk (of een onderdeel daarvan) te bespreken op bijvoorbeeld een gemeenteavond, op een themabijeenkomst, de introductiebijeenkomst voor nieuwe ambtsdragers of bij een bijeenkomst van een speciale doelgroep (jeugdwerk, pastoraal overleg). De kerkenraad heeft hierin de algemene verantwoordelijkheid.
2025 november
.
terug